Arts Herman Frima (29) doet persoonlijk verslag van de zevende week
van de Vickspedition.
Op 19 april moet het gebeuren. Alle kampen zijn ingericht en het team
slaapt inmiddels in kamp 3 (7450 meter). Het is 00.30 uur, helder,
maar het waait ongelooflijk hard. Als Joost en Greg de tent uit willen
stappen lukt dit niet. Het is veel te gevaarlijk. Het waait zo hard
dat de kans groot is dat je naar beneden wordt geblazen in een
gletsjerspleet. Samen met de sherpa'sbesluiten ze te wachten tot de
wind gaat liggen. Helaas blijft die de hele nacht doorwaaien. Daar
gaat de toppoging. Het is een enorme teleurstelling.Iedereen heeft er
lang en hard voor gewerkt.
Gelukkig is er genoeg eten en drinken voorradig om nog een nacht te blijven voor een tweede
toppoging. De volgende nacht vertrekt het team om 02.15 uur naar de
top. Het is moeijlijkde weg vinden in het donker. Het team gaat
langzaam. Ook als de zon eenmaal schijnt lukt het niet sneller te
klimmen. Ondanks dat zit de stemming er goed in. Iedereen verwacht
rond het middaguur de top te bereiken. De realiteit is anders. Als
Joost en Greg om 12.00 uur op 8000 meter zijn aangekomen kunnen ze
niet meer. Elke volgende stap is te zwaar.
Uiteindelijkbesluiten ze om te keren. Iedereen is erg teleurgesteld.
Ook nu wordt de top van de Cho Oyu niet bereikt. Wel worden op 8000
meter de eerste bochten geskied hetgeen toch voldoening geeft.
Inmiddels is iedereen afgedaald naar Fugro kamp 2. Daar zal de komende
nacht worden doorgebracht.
Morgen daalt iedereen af naar het basiskamp. Na een aantal dagen rust
zal het team dan opnieuw een poging wagen van de top van de Cho Oyu af
te skie.
|